Geraniums zaaien doe je het beste tussen januari en maart, zodat de planten genoeg tijd hebben om sterk te worden voor het tuinseizoen. Zaai je te laat, dan bloeien ze pas aan het einde van de zomer. Begin je op tijd, dan heb je in mei en juni al volop bloeiende planten klaarstaan.
Het juiste moment voor geranium zaaien
Januari is een populaire startmaand voor wie thuis geraniums wil zaaien. De zaailingen krijgen dan een lange aanloopperiode onder groeilicht of op een warme, lichte vensterbank. Wacht je tot maart, dan is dat nog steeds goed te doen, maar dan is de bloeitijd iets korter in het eerste jaar. Na april zaaien heeft weinig zin als je dat seizoen nog wilt genieten van de bloei.
Geraniums zijn warmteminnaars. De ideale kiemtemperatuur ligt tussen de 20 en 25 graden Celsius. Een gewone kamer is daarvoor vaak net te koel, zeker in januari. Een verwarmde zaaibak of een plek boven een verwarming helpt dan goed.
Geranium zaden zaaien: stap voor stap
- Koop of oogst zaden. Geraniumzaden zijn te koop bij tuincentra en zaadspecialisten. Je kunt ook zelf zaden oogsten van bestaande planten, als de bloemen goed zijn afgestorven en de zaadpeulen droog zijn.
- Gebruik luchtige zaaigrond. Gewone potgrond is te zwaar. Kies voor speciale zaaigrond of meng potgrond met perliet of zand. Dat zorgt voor een goede drainage en voorkomt schimmel.
- Zet de zaden op de juiste diepte. Dek de zaden af met een laagje grond van maximaal 0,5 centimeter. Geraniumzaden hebben licht nodig om te kiemen, dus te diep zaaien werkt averechts.
- Houd de grond vochtig maar niet nat. Gebruik een plantenspuit in plaats van een gieter. Te veel water is de meest gemaakte fout: de zaadjes kunnen dan wegrotten voor ze kiemen.
- Dek af met folie of een klep. Leg doorzichtige folie of een zaaideksel over de bak om de luchtvochtigheid hoog te houden. Verwijder dit zodra de eerste zaailingen zichtbaar zijn.
- Wacht op kieming. Geraniumzaden kiemen na ongeveer 7 tot 21 dagen, afhankelijk van de temperatuur en het zaadtype. Hoe warmer, hoe sneller.
- Verspeen de zaailingen. Zodra de zaailingen twee echte blaadjes hebben, plant je ze voorzichtig over naar aparte potjes. Gebruik dan gewone potgrond gemengd met wat zand.
Veel gemaakte fouten bij het zaaien van geraniums
Te diep zaaien is fout nummer één. Geraniumzaden zijn klein en hebben licht nodig; dek ze nooit meer dan een halve centimeter af. Te veel water geven is fout nummer twee. Jonge zaailingen zijn gevoelig voor schimmel, zeker in een afgesloten zaaibak. Luchten is daarom belangrijk: til de folie elke dag even op.
Een andere valkuil is te weinig licht geven na de kieming. Op een vensterbank die op het noorden gericht is, worden zaailingen lang en slap. Ze strekken zich richting het licht en worden zwak. Zet ze op een lichte, zonnige plek of gebruik een groeilamp op 10 tot 16 uur per dag.
Van zaailing naar bloeiende plant
Na het verspenen groeien de jonge geraniums verder op een warme, lichte plek. Zodra ze een paar centimeters groot zijn, kun je de groeipunt afknijpen (toppen). Dat stimuleert de plant om zijscheuten te vormen en zorgt uiteindelijk voor een voller en bloemrijker exemplaar.
Buiten zetten doe je pas na de ijsheiligen, die vallen rond 11 tot 15 mei. Geraniums verdragen geen vorst. Breng ze dus geleidelijk aan het buitenleven: zet ze eerst een paar dagen op een beschutte plek buiten, en daarna op de uiteindelijke locatie in de volle zon of halfschaduw.
Zelf geraniums zaaien kost wat meer geduld dan stekken, maar geeft je de kans om bijzondere rassen te kiezen die je bij de tuincentra niet kant-en-klaar vindt. Met een goede start in januari of februari heb je aan het begin van de zomer stevige, bloeiende planten die het hele seizoen meegaan.
