Grootmoeders oorbel (Leycesteria formosa) snoei je het best flink terug, tot op zo’n 30 centimeter boven de grond. Dat klinkt drastisch, maar de struik pakt dit prima op en schiet daarna krachtig uit. Het juiste moment is vroeg in het voorjaar, zodra de vorst niet meer verwacht wordt en de eerste nieuwe uitlopers zichtbaar worden.
De plant is afkomstig uit de Himalaya en bevriest in een gemiddelde Nederlandse winter vaak gedeeltelijk terug. Dat is ook precies de reden waarom snoeien zo goed werkt: je verwijdert het bevroren hout en geeft de plant de ruimte om fris te starten.
Wanneer grootmoeders oorbel snoeien?
Snoei grootmoeders oorbel in het vroege voorjaar, meestal ergens in maart of begin april. Wacht tot na de laatste nachtvorst. Als je te vroeg snoeit en de vorst keert terug, kan het jonge hout alsnog beschadigen. Een handige vuistregel: snoei zodra je de eerste groene knoppen aan de basis ziet verschijnen.
Snoei je liever in de herfst? Dat wordt afgeraden. De oude stelen beschermen de wortels enigszins tegen de kou. Laat ze dus staan tot het voorjaar en snoeier dan in één keer alles weg.
Zo snoei je grootmoeders oorbel
Het snoeien zelf is eenvoudig en gaat snel. Gebruik een scherpe snoeischaar of een kleine heggenschaar voor dikkere takken.
- Zet de snoeischaar op circa 20 tot 30 centimeter boven de grond.
- Zaag of knip alle stelen op die hoogte af, ook de stelen die er gezond uitzien.
- Verwijder het afgesneden materiaal, want oude stelen kunnen schimmel aantrekken.
- Geef de plant na het snoeien een schepje compost of langzaamwerkende meststof rondom de voet.
Meer precisie is niet nodig. Grootmoeders oorbel bloeit op nieuw hout dat in hetzelfde jaar groeit. Dus hoe harder je snoeit, hoe meer nieuw materiaal er komt en hoe meer bloemen je dat seizoen ziet.
Wat als de plant flink is teruggevroren?
Als de winter zwaar was, kunnen de stelen tot vlak boven de grond zijn doodgevroren. Dat ziet er alarmerend uit, maar is zelden een ramp. Kras met je nagel over een steel: is de laag eronder groen, dan leeft die tak nog. Is hij bruin door en door, dan knip je hem weg tot waar het hout wel groen is, of tot net boven de grond.
De wortels van grootmoeders oorbel zijn in de meeste gevallen vorstbestendiger dan de bovengrondse delen. Zelfs als alles bovengronds is afgestorven, schiet de plant vanuit de wortel bijna altijd weer opnieuw uit.
Lichtere snoeibeurt tussendoor
Wil je de plant in de zomer wat compacter houden of uitgebloeide takken weghalen? Dat kan gewoon. Knip verbloeide takken terug tot een zijscheut of een knooppunt. Dit stimuleert soms een tweede bloeiperiode later in het seizoen. Een zware terugknip doe je alleen in het voorjaar; tussendoor is een kleine correctie prima.
Snoei grootmoeders oorbel elk jaar flink terug en je houdt een gezonde, compacte struik die jaarlijks opnieuw volop bloeit. Sla je een jaar over, dan wordt de plant snel groot en houterig, met bloemen alleen aan de toppen. Een jaarlijkse snoeikuur kost je vijf minuten en levert elke zomer een beter resultaat op.
