Een monstera stekken doe je door een stengel met een knoop (nodus) en bij voorkeur een luchtwortel af te snijden, en die vervolgens te bewortelen in water of grond. Het is een eenvoudige manier om je plant te vermeerderen, en met de juiste aanpak heb je binnen een paar weken nieuwe wortels.
Wat heb je nodig voor het stekken van een monstera?
Je hebt weinig nodig om te beginnen. Zorg in elk geval voor een scherp en schoon mes of een schone schaar. Een bot of vuil mes beschadigt de stengel onnodig en vergroot de kans op infectie. Verder heb je een vaas of glas met water nodig als je in water bewortel, of een pot met luchtige stekgrond (of een mix van potgrond en perliet) als je direct in de grond gaat. Een handvol geduld is ook geen overbodige luxe: beworteling duurt bij een monstera gemakkelijk drie tot acht weken.
Monstera stekken in 3 stappen
Stap 1: Kies de juiste plek om te snijden. Zoek op de moederplant een stengel met minstens één knoop (nodus). Dat is het verdikking of het knobbeltje waar een blad aan vastzit. Nog beter is een stengel met een luchtwortel, dat zijn de bruine, dunne wortels die soms al zichtbaar uit de stengel groeien. Snij net onder de knoop of luchtwortel door, zodat die op je stek zit. Zonder knoop bewortelt een stek niet.
Stap 2: Bereid de stek voor. Verwijder het onderste blad als dat onder water zou komen te hangen. Laat de snijplek kort drogen aan de lucht, een halfuur is genoeg. Zo verkleint de kans op rotting. Een stek mag best één of twee bladeren hebben, maar meer is niet nodig en kost de plant onnodig energie.
Stap 3: Bewortel in water of grond. Zet de stek in een glas water zodat de knoop en luchtwortel ondergedompeld zijn, maar de bladeren droog blijven. Zet het glas op een lichte plek zonder directe zon. Ververs het water elke week. Zodra de wortels vijf tot tien centimeter lang zijn, is de stek klaar om over te zetten in potgrond. Je kunt ook direct in vochtige stekgrond steken en de grond licht vochtig houden tot de wortels vastzitten.
Water of grond: wat werkt beter?
Bewortelen in water heeft één groot voordeel: je ziet precies wanneer de wortels groeien. Dat is prettig en geeft houvast. Het nadeel is dat wortels die in water zijn gegroeid soms even moeten wennen aan grond. Ze zijn zachter en structureel anders dan grondwortels. Stek je direct in grond, dan slaat de plant wortels aan die gelijk geschikt zijn voor de pot. De beworteling gaat alleen minder snel zichtbaar, dus je hebt meer geduld nodig. Beide methoden werken prima. Kies op basis van wat je zelf fijn vindt.
Veelgemaakte fouten bij het stekken
De meestgemaakte fout is snijden zonder knoop. Een stek zonder knoop vormt nooit wortels, hoe lang je ook wacht. Controleer dus altijd of er een nodus aanwezig is. Een andere valkuil is te donker plaatsen: een monstera stek heeft indirect licht nodig om goed te groeien. In een donkere hoek gaat het veel trager.
Overgieten is ook een risico bij stekken in grond. Houd de grond licht vochtig, niet doorweekt. Te veel water geeft rotting aan de snijplek, zeker in de eerste weken. Bij water bewortelen geldt: vervang het water regelmatig, want stilstaand water trekt bacteriën aan die de wortels kunnen aantasten.
Wanneer is de beste tijd om een monstera te stekken?
Het beste moment is het voorjaar of begin zomer, wanneer de plant in de groeifase zit. In die periode maakt een monstera van nature nieuwe wortels aan, en dat werkt in jouw voordeel. In de winter groeit een monstera langzamer en is de kans op een succesvolle beworteling kleiner, al is het zeker niet onmogelijk als je de stek warm en licht genoeg houdt (bij voorkeur boven de 18 graden).
Als je stek eenmaal goed beworteld is en je hem overpot, geef hem dan de eerste weken niet direct mest. Laat hem eerst rustig wennen aan de nieuwe grond. Daarna kun je de monstera langzaam weer voeden zoals je gewend bent. Met wat aandacht voor de juiste stekplek en basisomstandigheden is monstera stekken voor bijna iedereen goed te doen, ook zonder groene vingers.
