Stekken is een eenvoudige manier om nieuwe planten te kweken van een bestaande plant. Je snijdt of trekt een stukje van de moederplant af en laat dat bewortelen, zodat het uitgroeit tot een zelfstandige plant. Het kost vrijwel niets en werkt bij verrassend veel soorten, van geraniums en munt tot tomaten en frambozen.
Wat is stekken precies?
Bij stekken gebruik je een deel van een plant, meestal een stengel, blad of wortel, om een nieuwe plant mee te starten. Dat deel heet een stek. Het verschil met zaaien is dat een stek genetisch identiek is aan de moederplant. Als je dus een bijzonder exemplaar hebt met mooie vruchten of een sterke groei, blijft die eigenschap behouden in de nieuwe plant.
Er zijn drie veelgebruikte vormen:
- Stengelstekken: een stuk stengel met een paar bladknoppen, de meest gebruikte methode.
- Bladstekken: een heel blad of een stuk blad, werkt goed bij begonia en vetplanten.
- Wortelstekken: een stukje wortel, geschikt voor planten als vlier of braambes.
Zo maak je een stek: het stappenplan
Voor de meeste planten ga je als volgt te werk:
- Kies een gezonde scheut. Pak een jonge, stevige stengel zonder bloemen. Bloeiende stengels steken minder makkelijk omdat de energie naar de bloem gaat in plaats van naar wortels.
- Snij of trek af op de juiste plek. Snij schuin net onder een knoop (het punt waar een blad aan de stengel zit). Of trek de scheut voorzichtig en schuin van de stengel af. Kijk of er een zogeheten “hieltje” aan zit: een stukje oudere stengel of schors. Dat hieltje bevat veel groeistoffen en zorgt voor snellere beworteling.
- Verwijder de onderste bladeren. Laat alleen de bovenste twee à drie bladeren zitten. Bladeren die in de grond komen, rotten weg en kunnen schimmel veroorzaken.
- Dip eventueel in wortelstimulator. Dit is niet altijd nodig, maar bij trage bewortelaars helpt het. Beschikbaar als poeder of vloeistof bij tuincentra.
- Steek de stek in vochtige grond of water. Gebruik lichte stekgrond of potgrond gemengd met perliet. In water stekken werkt ook, zeker voor kruiden als munt en basilicum: zet de stek in een glas water op een lichte plek en ververs het water elke paar dagen.
- Houd vochtig en warm. Dek de stek af met een doorzichtige plastic zak of een omgekeerd glas om de luchtvochtigheid hoog te houden. Zet hem op een warme, lichte plek zonder direct felle zon.
- Controleer na twee à vier weken. Trek voorzichtig aan de stek. Voel je weerstand? Dan zijn er wortels gevormd en kun je de jonge plant verpotten.
Het juiste moment voor stekken
Kruiden en zachte stengels stek je het beste in het voorjaar of de vroege zomer, als de plant volop groeit. Houtige planten zoals rozen, kruisbessen en vijg stek je beter in de herfst of winter, als de plant in rust is. Je gebruikt dan hardhoutstekken: de stengel is steviger en bevat meer reservestoffen voor de beworteling. Voor veel vaste planten en halfhoutigen werkt de late zomer goed.
Veelgemaakte fouten bij stekken
De stek droogt uit voordat er wortels zijn: dit is de meest voorkomende oorzaak van mislukken. Zorg voor een vochtige omgeving en controleer of de grond licht vochtig blijft, niet nat. Te natte grond geeft juist rotting.
Een andere valkuil is te vroeg verpotten. Geef de stek de tijd. Wortels zijn er pas als je écht weerstand voelt bij een lichte ruk. Sommige planten hebben zes tot acht weken nodig, soms langer.
Tot slot: gebruik altijd schoon gereedschap. Snij met een scherp, schoon mes of een steriel snoeiijzer. Bacteriën en schimmels via een vuil mes zijn een vaker vergeten maar serieuze bedreiging voor jonge stekken.
Welke planten lenen zich goed voor stekken?
Bijna alle kruiden stek je makkelijk, waaronder munt, tijm, rozemarijn, salie en citroenmelisse. In de moestuin kun je ook tomatenzijscheuten stekken: breek een okselscheut af en zet hem in een glas water. Na een week of twee zitten er wortels aan. Zo maak je gratis extra tomatenplanten van een ras dat al goed presteert in jouw tuin. Aardbeien vermeerder je via uitlopers, wat technisch gezien ook een vorm van vegetatieve vermeerdering is, hoewel dat geen stek in de klassieke zin is.
Stekken vraagt weinig materiaal, maar wel geduld en aandacht voor vocht en warmte. Met een beetje oefening lukt het bij de meeste tuinplanten prima en heb je binnen een seizoen een flinke voorraad nieuwe planten zonder extra kosten.
