Abutilon snoeien: zo doe je het goed en op het juiste moment

Een abutilon snoei je het beste aan het einde van de winter, voordat de nieuwe groei begint. Knip daarbij alleen de jonge scheuten terug en ga nooit te diep in het oude hout. Dat is de basisregel waar alles bij het snoeien van deze plant om draait.

Waarom abutilon snoeien?

De abutilon, ook wel chinese lantaarn of kameresdoorn genoemd, groeit snel en kan flink uitlopen. Zonder snoei wordt de plant slordig, houterig en bloeiarmer. Door op het juiste moment te snoeien, houd je de plant compact en stimuleer je nieuwe bloemrijke scheuten. Een abutilon die regelmatig gesnoeid wordt, bloeit zichtbaar beter dan een verwaarloosde plant.

Wanneer is het beste moment?

Snoei de abutilon aan het einde van de winter, dus ruwweg in februari of maart. De plant staat dan nog in rust of begint net op te starten, wat betekent dat hij de snoei goed kan verwerken. Snoei je te laat, dan raak je jonge scheuten kwijt die al in bloei komen. Snoei je te vroeg, in de diepste winter, dan is het risico op vorst en uitdroging groter als de plant buiten staat.

Staat je abutilon binnen, dan merk je het moment zelf ook: je ziet nieuwe knoppen verschijnen of de plant begint te schieten. Dat is het sein om aan de slag te gaan.

Hoe abutilon snoeien: stap voor stap

  • Gebruik schoon en scherp gereedschap. Een schone snoeischaar voorkomt dat je infecties overbrengt op de plant. Maak het blad kort voor gebruik schoon met alcohol of een sopje.
  • Knip alleen de jonge, zachte scheuten terug. Dat zijn de twijgen die in het afgelopen groeiseizoen zijn gevormd. Ze zijn lichter van kleur en nog buigzaam.
  • Laat het oude hout staan. Snij nooit diep in de bruine, verharde stam of oudere takken. Abutilon herstelt moeilijk van ingrepen in oud hout en kan daarna stagneren of zelfs wegvallen.
  • Knip net boven een knop of zijscheut. Zo stimuleer je de plant om op dat punt nieuw te vertakken en te bloeien.
  • Snoei bij voorkeur niet meer dan een derde van de plant tegelijk weg. Zo voorkom je dat de plant te veel stress krijgt.

Hoe ver mag je terugsnoeien?

Dit is de meest gemaakte fout bij het snoeien van abutilon: te hard terugknippen. Omdat de plant snel groeit, denk je al snel dat je flink kunt snoeien. Maar abutilon bloeit op nieuw hout, en het heeft de oude structuur nodig als basis. Snoei de jonge scheuten gerust met de helft of twee derde in, maar laat altijd een paar knoppen aan elke tak zitten. Kaal terugknippen tot op de stam is niet aan te raden.

Abutilon snoeien als kamerplant versus buitenplant

Als kamerplant staat de abutilon het hele jaar binnen en is hij minder gebonden aan de seizoenen. Je kunt hem dan ook in de vroege lente snoeien, als je merkt dat hij te groot wordt of te weinig bloeit. Buitenexemplaren, die in milde streken soms buiten overwinteren, snoei je pas als het vorstrisico voorbij is. Een late nachtvorst op verse wonden of nieuw uitlopende scheuten kan de plant extra schaden.

Na het snoeien: wat dan?

Geef de plant na het snoeien iets meer water dan in de rustperiode en start langzaam met bijmesten. Gebruik een vloeibare meststof voor bloeiende planten zodra je de eerste nieuwe scheuten ziet. Te vroeg en te veel bemesten heeft weinig zin als de plant nog niet actief groeit. Staat de plant op een lichte plek, dan zal hij na het snoeien snel herstellen en opnieuw uitlopen.

Regelmatig snoeien, elke late winter opnieuw, houdt de abutilon jarenlang gezond en bloeiend. Het vraagt maar een kwartier werk en levert een compact, weelderig gekleurde plant op die elk seizoen weer verrast.